Arbeidsrecht voor sporters

Arbeidsovereenkomst en cao

Is een sporter in dienst van een organisatie? Voor een arbeidsovereenkomst moet voldaan zijn aan 3 criteria, te weten: ‘arbeid, loon en in dienst van’.  Naast de wettelijke bepalingen in het arbeidsrecht, is een CAO vaak van invloed op de rechtspositie van de sporter. Een voorbeeld is de CAO Sport. Dit is een overeenkomst die is afgesloten tussen de Werkgeversorganisatie in de Sport (WOS) en de vakbonden.

Lidmaatschap

Tevens zijn statuten, reglementen en besluiten van de sportbonden (indirect) van invloed op de rechtspositie van de beroepssporter. In vrijwel iedere arbeidsovereenkomst van een beroepssporter is overeengekomen dat de sporter op basis van het lidmaatschap gehouden is zich te conformeren aan de reglementen van een aan de sport gelieerde sportbond. Dit betekent dat de sporter met meerdere partijen te maken kan hebben. Met de club, maar bijvoorbeeld ook middels een lidmaatschapsrelatie met de nationale sportbond. En als een sporter wordt uitgezonden naar de Olympische Spelen, komt de NOC*NSF nadrukkelijk om de hoek kijken.

Rechtspositie

Het bepalen van de rechtspositie is essentieel. Dit kan bijvoorbeeld van belang zijn bij de vraag of er doorbetaald moet worden bij een blessure. Wat gebeurt er als er sprake is van disfunctioneren? Kan een vechtpartij tussen twee spelers tijdens een training een ontslag op staande voet opleveren? Welke sancties kunnen er worden gegeven als de sporter wordt betrapt op verboden middelen? Mag er in de arbeidsovereenkomst een clausule worden opgenomen waarin de sporter een percentage krijgt van een transfer? Bij al deze vragen komt het arbeidsrecht om de hoek kijken en zal de rechtspositie bepaald moeten worden.